Loading…

COBRA

Sinds de opleidingsvisitaties plaats hebben geruimd voor de instellingsreview wordt van de Vlaamse instellingen van hoger onderwijs verwacht dat ze een sterke interne kwaliteitszorgmethode verankeren in hun werking. Zo moeten ze de kwaliteit van hun onderwijs verzekeren. COBRA is een van de interne kwaliteitszorgsystemen uitgedokterd door de KU Leuven. Kort gezegd: deze methode doorloopt 3 cycli, waarin relevante problemen en pijnpunten binnen de verschillende opleidingen die de KU Leuven rijk is, worden aangehaald en aangepakt. Op die manier vervult COBRA zowel een signalisatie- als een oplossingsgerichte rol. In academiejaar 2015-2016 maakte de KU Leuven haar eerste COBRA-doorloop mee.
 

Na de proefdoorloop is de kwaliteitzorgmethode COBRA geëvalueerd en aangepast. Met de inbreng van alle betrokkenen werden aanpassingen geformuleerd die op 28 juni 2016 zijn goedgekeurd door de Academische Raad. De aangepaste methode ging van start in academiejaar 2016-2017 onder de naam “COBRA 2.0” en wil meer ruimte en zuurstof creëren voor faculteiten en opleidingen. Zo biedt deze aangepaste methode meer verwerkingstijd door een 2×2-cyclus.

 

2×2-cyclus (voorbeeldtraject)

Jaar 1

2019-2020

  • Gesprek met studenten in het tweede semester
  • Verwerking op POC vóór de zomer (COBRA 1)
Jaar 2

2016-2017

  • Opvolging van POC-actiepunten
  • Opschaling randvoorwaarden naar faculteit en universiteit (COBRA 2 en 3)
Jaar 3

2017-2018

  • Gesprekken met docenten en medewerkers in het eerste semester
  • Gesprekken met studenten in het tweede semester
Jaar 4

2018-2019

  • Verwerking op POC samen met input alumni, werkveld en (internationale) peers (COBRA 1)
  • Opschaling randvoorwaarden naar faculteit en universiteit (COBRA 2 en 3)

Hoe gaat COBRA 1, 2 en 3 nu precies in hun werk?

Timing en verloop in COBRA

In wat volgt wordt het voorbeeldtraject toegelicht, waarbij elk semester apart wordt omschreven. Het staat faculteiten evenwel vrij om, rekening houdend met een aantal universiteitsbrede afspraken, COBRA 1 en 2 volgens een andere timing te organiseren.

In COBRA 1 komen de zogenaamde primaire actoren aan bod: studenten, docenten en medewerkers van de universiteit. De input die uit deze gesprekken voortkomt, wordt samen met het opleidingsdashboard, de blauwdruk (indien aanwezig) en eventueel aanvullend materiaal besproken op de POC. De POC reflecteert over de opleidingskwaliteit en zet de nodige verbeteracties op. Al wat niet kan worden opgelost op dit niveau, wordt overgeheveld naar het facultaire niveau. Het verslag van deze bespreking verschijnt vervolgens op het kwaliteitszorgportaal.

In jaar twee worden de actiepunten die voortvloeiden uit COBRA 1 opgevolgd door de POC. Het tweede semester omvat de opschaling van opleidings- naar faculteitsniveau. Kort gezegd: de faculteit brengt de verschillende besprekingen van de POC’s binnen haar faculteit samen. Ze bekijkt welke punten er regelmatig terugkeren en bijgevolg nood hebben aan een facultaire opvolging. De faculteit zet dan in op verbeteracties die het voor de opleidingen mogelijk moeten maken hun onderwijskwaliteit te verbeteren. Het verslag van de facultaire bespreking omvat een reflectie van het faculteitsbestuur op deze oordelen, een overzicht van de acties die de faculteit zal opzetten om de randvoorwaarden te versterken en een overzicht van die randvoorwaarden waarover de faculteit geen zeggenschap heeft.

Daarop volgt dan COBRA 3: de opschaling naar het niveau van de universiteit. Twee adviserende organen, de Onderwijsraad en de Studentenraad KU Leuven, spreken hun oordeel uit. De Onderwijsraad bekijkt welke punten over verschillende faculteiten heen terugkomen en welke randvoorwaarden best universiteitsbreed worden aangepakt. De Studentenraad KU Leuven licht tijdens de bespreking op de Onderwijsraad ook haar analyse over de onderwijskwaliteit in de verschillende faculteiten toe. Hier wordt ook weer een verslag van gemaakt dat op het kwaliteitszorgportaal terecht komt. In dit verslag lijst de Onderwijsraad de verschillende oordelen van de POC’s op, neemt ze haar eigen reflectie op en formuleert ze een advies over de bij te stellen randvoorwaarden én een advies over de ter beschikking gestelde informatie over de ESG-standaarden.

Daarnaast wordt een groep (inter)nationale deskundigen uitgenodigd die op basis van alle beschikbare documenten op het kwaliteitszorgportaal een advies formuleren over de werking van de kwaliteitszorgmethode.

Deze adviezen worden vervolgens doorgegeven aan het universiteitsbestuur. Hier neemt de vicerector Onderwijsbeleid de adviezen mee naar het Gemeenschappelijk Bureau (Gebu). Het Gebu bekijkt deze adviezen en stelt verbeteracties op die rijmen met de huidige werking van de universiteit en die de randvoorwaarden die nood hadden aan verbetering aanpakken. Dit alles wordt vervolgens ter goedkeuring voorgelegd aan de Academische Raad en de Raad van Bestuur. Uit deze besprekingen volgt weerom een verslag voor het kwaliteitszorgportaal en dit is het sluitstuk van de derde COBRA-cyclus.

Op het einde van dit tweede jaar is de zogenaamde zachte doorloop achter de rug.

Jaar drie vormt enerzijds een verwerkingsjaar voor de actiepunten die voortvloeiden uit COBRA 2 en COBRA 3, maar signaleert ook de start van de harde doorloop. In het eerste semester vinden gesprekken plaats met docenten en met medewerkers, en in het tweede semester volgen er opnieuw gesprekken met studenten. COBRA 1 wordt dan afgerond in jaar 4 met een bespreking op de POC, inclusief input van externen (alumni, werkveld en (inter)nationale peers). In het tweede semester volgt een opschaling naar COBRA 2 en COBRA 3.

Wat is dan de rol van de studenten in deze hele methode?

Stud_COBRA

 

In COBRA 1 vinden studentengesprekken plaats met willekeurig gekozen studenten. Deze gesprekken verlopen aan de hand van een vragenset, en onder leiding van een student-gespreksleider. Deze studentgespreksleider wordt opgeleid door de studentenraad en heeft na één vormingsmoment alle nodige kennis om het gesprek vlot te laten verlopen. Zo komen de studenten in de eerste COBRA-cyclus dus uitvoering aan bod als primaire actor. Ook bij de bespreking op de POC hebben studenten een grote rol, in elke POC zitten er studentenvertegenwoordigers in de POC.

In COBRA 2 worden op facultair niveau de verschillende POC-verslagen samengebracht. Ook op dit niveau worden studenten door minstens één student vertegenwoordigd. Op die manier worden studenten ook betrokken in COBRA 2.

In COBRA 3 zijn studenten betrokken in twee fases. In de eerste, adviserende fase, passeren alle faculteitsdocumenten op de Onderwijsraad. In de Onderwijsraad zetelen vijf studentenvertegenwoordigers verkozen door de Studentenraad KU Leuven. De Studentenraad KU Leuven stelt aan de Onderwijsraad, tijdens de bespreking van de facultaire documenten, ook haar analyse voor over de kwaliteit van het onderwijs aan de verschillende faculteiten. De Onderwijsraad formuleert enkele adviezen aan het universiteitsbestuur. Het Gemeenschappelijk Bureau werkt enkele voorstellen tot verbeteracties uit. In het Gemeenschappelijk Bureau zetelt de voorzitter van de Studentenraad KU Leuven. De verbeteracties worden door de vicerector Onderwijsbeleid voorgesteld en ter goedkeuring voorgelegd aan de Academische Raad, waarin vier studenten zetelen. Ook op dit niveau zijn de studenten dus uitvoerig vertegenwoordigd.

Onze website wordt momenteel geüpdatet. Zijn er fouten of ontbreekt er info? Stuur ons een e-mail.
info@stura.be